6 augustus 2011

De hel is echt, ik was daar!

Jennifer Perez

Het getuigenis van een 15 jarig meisje, dat in een christelijk huis was opgevoed. Zij viel later terug, vond zichzelf vergiftigd door een al te grote dosis drugs, stervende, en naar de hel gestuurd. Gelukkig werd aan haar een tweede kans gegeven, met de opdracht om terug te gaan en de mensen en degenen die lauw zijn, te waarschuwen met een dringende boodschap.



“God zegene u broeders en zusters, Ik zou u willen vragen om uw Bijbel te openen en naar Joel 2:28 te gaan:

“Daarna zal het geschieden, dat Ik mijn Geest zal uitstorten op al wat leeft en uw zonen en uw dochters zullen profeteren; uw ouden zullen dromen dromen; uw jongelingen zullen gezichten zien.”

Mijn naam is Jennifer Perez en ik ben 15 jaar oud. Het is moeilijk voor een tiener als ik om tot u te komen en om mijn eigen fouten te erkennen. Maar met behulp van de Heilige Geest, zal Hij me helpen, en mij de kracht geven die ik nodig heb. Ik zou vooral eerst willen zeggen dat dit voor de Eer en Glorie van mijn Here Jezus Christus is. Ik wil geen leer verkondigen of een nieuwe doctrine verzinnen. Ik ga u alleen vertellen wat zag ik, wat ik hoorde en wat ik voelde.

Ik zou u een klein beetje over mijn familie willen vertellen. Mijn ouders zijn christenen, en zij onderwezen me altijd in de weg van de Heer en met goede voorbeelden. Ik werd 3 jaar geleden een christen, toen ik de Heer door middel van broeder Nicky Cruze aanvaardde. Maar toen ik naar de High School ging, begon ik rebels te worden en verliet de weg van de Heer. Ik werd rebels tegen mijn ouders en ik begon met drugs. Mijn vrienden leerden mij die dingen te doen.

Ik was rebels naar mijn ouders toe, en zij dachten dat het bij tieners hoorde. Maar in feite, was het wat de drugs me lieten doen. Kwade geesten kwamen in me, dat was toen ik rebels was. Mijn getuigenis begint op 2 mei,1997. Ik had een vriend, en wij waren slechts vrienden, meer niet, en hij wist dat. Ik dacht hem te kennen, maar in feite wist ik werkelijk niet wie hij was. Die nacht belde hij me en vroeg of ik uit kon gaan. Mijn ouders waren niet thuis. Zij waren naar een gebedsbijeenkomst toe, zoals elke vrijdag. Ik vertelde hen dat ik thuis wilde blijven, omdat ik me ziek voelde. Ik was ook boos op hen, omdat ik die nacht plannen had om uit te gaan met een andere vriend, maar mijn ouders lieten me niet gaan. Dus vroeg ik of ik thuis mocht blijven, en zij stonden dat toe. Toen zij naar de gebedsbijeenkomst waren gegaan, belde mijn vriend me op. Hij zei, "Waarom ga je niet uit, iedereen gaat toch uit?” Ik dacht bij mezelf, "Ik wil niet ongehoorzaam zijn aan mijn ouders, maar misschien als ik er stiekem tussen uit knijp, zullen mijn ouders het nooit te weten komen," dus dat is wat ik deed.

Die nacht toen mijn ouders thuis kwamen en zij in slaap vielen, was ik al klaar om er heimelijk tussen uit te knijpen. Dus belde ik mijn vriend en vertelde hem om me op te wachten, op de hoek van mijn straat. Ik vertelde hem om niet langs mijn huis te gaan, omdat het mijn ouders zou kunnen wekken, en alles zou kunnen ruïneren. Dus, stopte ik hoofdkussens onder mijn laken en klom uit mijn raam. Ik liep op straat en daar was mijn vriend al. Maar toen ik in de auto wilde stappen, zag ik drie kerels en een ander meisje. Ik dacht bij mezelf, "Ik ga niets doen, ja, ik zal high worden, drugs nemen, en drinken". Maar als er 3 jongens en 1 ander meisje zijn, vreesde ik dat zij het overwicht op me konden hebben. Maar ik stapte in de auto, en wij gingen weg. Eerder, toen ik met mijn vriend sprak door de telefoon, zei hij, dat wij alleen in de stad rond gingen rijden. Ik zei: "Ok, dat klinkt leuk", dat is waarom ik meeging. Ik had nooit gedacht dat hij me mee zou nemen naar een motel.

Toen wij daar aankwamen, zetten zij mij af bij een ruimte van de wasserijdienst, die tot het motel behoorde. Zij vertelden ons om daar te wachten, zij zeiden dat zij een andere vriend zouden gaan ophalen. Ik zei: “Ok, maar ik veronderstelde dat zij weggingen om een kamer te huren. Toen zij terugkwamen en ons oppikten, namen zij ons mee naar die kamer. Zij zeiden, "Wees niet ongerust, heb vertrouwen in ons! Wij gaan niets doen, wij moeten enkel op onze andere vriend wachten, en dan zullen wij allen weggaan." Dus vertrouwde ik mijn vrienden. Ik dacht dat zij mij geen kwaad zouden doen, maar in feite wist ik niet wie mijn vrienden waren.

In het begin kletsten wij alleen maar, dus zei ik, "Waarom halen wij niet iets om te drinken, terwijl wij wachten?" Dus verlieten mijn vriend en ik de kamer, en liepen naar het kleine restaurant aan de voorkant van het motel. Wij kochten drie Sprites en liepen toen terug naar de kamer. Zij begonnen de Sprites in kopjes te gieten. Zij hadden geen tas of, iets wat verdacht leek, meegenomen, waardoor ik zou kunnen denken dat zij iets in mijn drinken zouden doen of mij iets aan zouden doen. Het leek allemaal onschuldig. Ik ging naar het toilet om mijn haar in orde te brengen en meisjesdingen te doen, en toen ik terugkwam was mijn kopje al ingeschonken. Ik deed wat aardbeikauwgom in mijn mond, en ik dronk wat ik dacht dat het mijn Sprite was. Na dit, weet ik niet wat er gebeurde.

Maar toen ik kon zien, voelde ik mijn geest uit mijn lichaam komen. Ik was al in het ziekenhuis. Ik zag de artsen en de verpleegsters rondom mij. Toen ik uit mijn lichaam was, zag ik mijn lichaam op het bed. U weet hoe u zich in de spiegel bekijkt, u ziet een afspiegeling. Maar ik zag geen afspiegeling van mijzelf, ik zag daar mijn lichaam op het bed. Toen ik me omdraaide, waren er 2 mannen gekleed in het rood. "Kom met ons mee" en zij namen me mee aan de arm.

Zij namen me mee naar een plaats, en toen ik keek om te zien waar ik was, was het de hemel! Het eerste ding dat ik zag was een hele grote muur. Het was wit en het reikte zover dat het geen einde had. In het midden van de muur was een deur, een lange deur, maar die was gesloten.

In het Oude Testament spreekt Mozes van een tabernakel en hij beschrijft zijn kenmerken. En ik herinnerde me dit, en ik zag dat de muur er op leek. Direct naast de deur was een grote stoel, en er was een kleinere stoel aan de rechter kant. En zij leken uit goud gemaakt te zijn. Aan mijn rechterkant was er een grote zwarte deur, het was zo donker daar rondom, maar ik wist dat het een deur was vanwege de knop. Het was een lelijke deur. Maar aan mijn linkerkant was er een paradijs, daar waren bomen, een glasheldere waterval en gras. Het was zo’n vreedzame plaats, maar er was niemand daar.

Ik keek en ik zag de Vader recht voor me. Ik kon Zijn gezicht niet zien, vanwege Zijn glorie, het was zo groot, zo helder, het glansde en het verlichtte de gehele hemel. Zijn glorie maakte alles helder. Er was geen zon, geen maan, geen sterren, Hij was het licht. Ik zag Zijn lichaam wel. En ik zag Zijn Zoon.  Direct naast Hen waren 2 engelen, Gabriel en Michael.

Toen ik voor de Vader stond, voelde ik me vuil! Ik viel op mijn knieën en huilde. Ik was zeer beschaamd over mijzelf. Zelfs als ik Hun gezichten had kunnen zien, wilde ik dit niet, omdat ik zo beschaamd was over mijzelf. Terwijl ik daar voor de Heer was, toonde Hij me een film van mijn leven, van het begin tot aan nu. Hij vertelde me dat de dingen die ik deed nadat ik gered was, het belangrijkste deel was. Ik vertelde aan mijn vrienden dat ik een christen was, maar in werkelijkheid toonde ik mijn vruchten niet. En Hij vertelde me dat ik bestemd was om naar de Hel te gaan.

De engel Gabriel kwam en nam me bij mijn arm. Hij nam me mee naar die lelijke zwarte deur waar ik zelfs niet naar wilde kijken. Ik probeerde mezelf tegen te houden, en wij gingen door de deur. Toen ik aan de andere kant van de deur was, was het overal donker. Ik kon niet eens mijzelf zien. Toen begonnen wij snel te vallen, zoals in een achtbaan. Terwijl ik viel werd het heter en heter. Ik sloot mijn ogen, ik wilde niet zien waar wij waren.

Toen wij stopten, opende ik mijn ogen, en ik bevond me op een grote weg. Ik wist niet waar het naar toe leidde. Maar het eerste wat ik daar voelde was dorst. Ik was werkelijk dorstig! Ik bleef de engel vertellen: "Ik ben dorstig, ik ben dorstig". Ik begon te huilen, en toen de tranen langs mijn wangen stroomden, verdampten zij volledig. Er was de geur van zwavel. Ik probeerde om mijn neus te bedekken, maar dat maakte het nog erger. Al mijn 5 zintuigen waren zeer gevoelig. Nadat ik geprobeerd had mijzelf te bedekken, kon ik de zwavel zelfs nog meer ruiken. Ook al die kleine haren op mijn armen verdwenen. Ik voelde al die hitte, het was zeer heet.

Toen ik wat rondkeek, zag ik mensen die gemarteld werden door demonen. Daar was een dame die leed. Een demon martelde haar. Die demon sneed haar hoofd eraf en met zijn lange speer stak hij haar overal. Het maakte hem niets uit. In haar ogen, in haar lichaam, in haar voeten, in haar handen, het maakte hem niet uit. Daarna zette hij haar hoofd op haar lichaam terug en stak en stak haar. Zij schreeuwde met kreten van ondraaglijke pijn.

Daarna zag ik een andere demon. Deze demon martelde een jonge man van ongeveer 21-23 jaar oud. Deze man had een ketting rond zijn nek en bevond zich voor een kuil van vuur. Deze demon stak hem overal met een lange speer, in zijn ogen, overal. Daarna greep de demon hem bij zijn haren en met kettingen gooide hij die man in deze kuil met vuur, om hem er dan weer uit te halen en hem te steken en te steken. Dit ging continue door, en iedere keer als hij die kuil inging, kon ik zijn schreeuwen niet meer horen. Maar wanneer de demon hem eruit haalde, gilde hij met zielsangst. Ik probeerde mijn oren te bedekken omdat het geluid zo afschuwelijk was, maar ik bleef het horen. Mijn gehoor was gevoeliger.

Ik keek naar een andere demon, en die demon was lelijk, de andere 2 waren ook lelijk, maar deze was het lelijkst. Hij had kenmerken van veel verschillende dieren. Ik kan het niet eens met woorden omschrijven. Hij ging rond om mensen angst aan te jagen, en de mensen werden werkelijk angstig.

En daarna zag ik een andere demon, maar deze demon was een mooie demon, hij leek op een engel van God, maar hij was dat niet. Het verschil tussen de engelen van God en de demonen is, dat bij de demonen hun namen niet met goud op hun voorhoofden geschreven staan, maar bij de engelen van God wel.

Hierna keek ik terug naar de engel Gabriel, en hij keek omhoog. Ik dacht: “Hij wil zeker niet zien dat de anderen gemarteld worden”. Ik dacht bij mijzelf, "Waarom is hij nog steeds hier? Moet ik niet verwachten dat het straks mijn beurt is om gemarteld te worden?" Ik was ook dorstig. En ik schreeuwde het uit naar de engel, "Ik ben dorstig, ik ben dorstig!" Ik denk dat hij me hoorde omdat hij naar beneden keek, en hij zei, "De Heer gaat je nog één kans geven."

Onmiddellijk toen hij dat zei, gingen al mijn dorst, al mijn angsten, al mijn pijnen, zomaar weg. Ik voelde me vreedzaam. En toen greep hij me bij mijn hand en wij stonden op het punt omhoog te gaan, maar plotseling hoorde ik mijn naam roepen, "Jennifer, help me, help me!" Ik keek naar beneden. Ik wilde zien wie het was, maar toen ik dat deed, blokkeerden de vlammen hun gezicht. Het klonk als de stem van een meisje. Ik kon alleen haar uitgestrekte handen zien. Zij wilde dat ik haar hielp. Ik had zo’n verlangen en behoefte om haar te helpen. Toen ik het probeerde, kon ik het niet, omdat mijn hand dwars door haar hand ging. Ik wilde haar zo graag helpen, maar ziet u, zij had geen enkele hoop. Ik kon haar niet helpen.

Toen keek ik rond, en ik zag mijn vrienden, mensen die ik kende en andere mensen. Zij kwamen mij bekend voor maar ik wist niet wie zij waren. Ik kende hun leven niet, maar toen ik daar vrienden van mijn school zag, deed het me pijn! Ik zag dat er in de Hel geen tijd is, daar is geen verleden, heden, of toekomst, alles is hetzelfde, en zijn zij bestemd om daar heen te gaan. Maar zoals ik in het begin al zei, wil ik hier geen enkele doctrine van maken, maar dat is wat ik daar zag. De mensen die ik daar zag, zijn vandaag nog steeds levend.

Toen nam de engel me mee terug in de aanwezigheid van God. Toen ik mij vóór Hem bevond, ging ik op mijn knieën, en ik huilde en huilde. Ik wilde nog steeds niet naar Zijn Gezicht kijken, omdat ik mijzelf schaamde. Maar de Heer zei met grote liefde in Zijn stem, "Ik houd van je". Net zoals Hij van u houdt die naar mij luistert. Maar Hij vertelde het rechtstreeks aan mij. Hij zei, dat Hij mij alles vergaf wat ik gedaan had toen ik tegen Hem gezondigd had. Hij vergaf me.

God keek naar mij en Hij liet mij vele dingen zien. Hij toonde mij de wereld, de aarde, rond de aarde zag ik iets zachts, als de ozonlaag, het was rondom de wereld, het leek heel zacht, en ik had een groot verlangen om het aan te raken. Toen ik het aanraakte, realiseerde ik mij dat het de Heilige Geest was, omdat Hij me doopte, en ik in nieuwe tongen begon te spreken.

Gedurende dat moment keek ik omhoog en vele boze geesten kwamen uit me. Toen ik high werd, en drugs nam, was mijn denken verward en dat gaf openingen waardoor deze boze geesten in mij kwamen. Zij kwelden mij. De manier waarop ik mij gedroeg was niet mijn echte ik, het waren de boze geesten in mij. In het Woord van God staat, dat wanneer het huis is schoongemaakt, de boze geesten proberen om terug te komen, en ze brengen 7 andere boze geesten met zich mee. Mijn huis werd schoongemaakt toen ik gered werd.

Hij liet me ook de toekomst zien. Hij toonde me de aarde en hoe dingen zouden gaan gebeuren, gebeurtenissen die zouden gaan gebeuren. Het visioen wat mij werd gegeven was van nu tot de opname van de gemeente. Hij liet mij de opname zelf niet zien, maar Hij toonde mij de dingen die daarvoor zouden gaan gebeuren. Elke dag komen wij er dichter en dichter bij, en ik vertel u dat de opname dichtbij is! U moet uzelf onderzoeken, uw leven, en uzelf afvragen, "Ben Ik klaar om met de Heer mee te gaan?" De Heer toonde me dit, maar Hij vertelde mij om het aan niemand te vertellen, maar om kalm af te wachten en eerst aan te zien dat het einde dichterbij komt. Ik wil God niet verzoeken, dat is waarom ik u niet zal vertellen wat ik zag. Maar ik vertel u en ik waarschuw u dat de opname nabij is.

Ik las in Joel 2:28, het is één van laatste profetieën, elk van hen is vervuld. Deze profetie is de enige die nog niet vervuld was, en ik vertel u nu dat het aan het vervullen is. Vele jonge mensen staan op en prediken het Woord van God. De duivel wil een leger van jonge mensen maken, maar de Heer is krachtiger.

En als u werkelijk de Heer accepteert en Hem wilt dienen, zal Hij u de kracht geven om de duivel te overwinnen, zodat u de blijde boodschap, het evangelie, kunt doorgeven.

Hij vertelde me dat ik een opdracht had, en deze opdracht hield in, dat ik aan alle jonge mensen over mijn visioen moet vertellen. Zelfs als ik dit niet zou willen doen, het is een bevel dat de Heer me gaf, en ik zal het voltooien.

Toen ik in mijn lichaam terugkwam, werd ik wakker en ik ontdekte dat ik in het ziekenhuis was. Ik keek rond en zag naalden in mijn armen, dingen die mijn hart controleerden en slangen. Snel daarna kwamen mijn ouders binnen, en ik begon te huilen. Zij keken erg boos, maar de Heer vertelde mij om ze alles te vertellen, en dat is wat ik deed. Ik vertelde hen alles.

Toen de verpleegster binnenkwam, vertelde zij ons dat zij heel erg ongerust over mij waren geweest. Zij zei, dat ik wegging en dan weer terugkwam, dan weer weg en weer terug. Ik was bewusteloos en kwam dan weer tot bewustzijn. Dit gebeurde drie keer. Zij zeiden dat één van die keren, ik niet wilde terugkomen, en zij waren erg ongerust over mij.

Ook in die nacht, had mijn moeder rare dromen. De kleine hond waarmee ik altijd sliep, ging de kamer van mijn ouders binnen en kraste aan mijn moeders arm en probeerde haar te wekken. Toen zij ontwaakte, liep zij naar mijn kamer en zag de hoofdkussens die ik zo had neergelegd (onder de lakens). Zij dacht dat ik daar was, daarom liep zij terug naar haar kamer. Daarna zag zij politielichten buiten bij het raam. Toen zij uit het raam keek, zag zij dat politieagenten naar ons huis liepen en zij wekten mijn vader. De politie vertelde hen om het politiebureau op te bellen, om meer over mij te weten te komen. Mijn ouders kwamen te weten dat ik vergiftigd was en in het ziekenhuis lag. Op dat moment sprak de Heer tot mijn vader, en vertelde hem dat hij zich niet ongerust moest maken, omdat alles in Zijn handen was. Dus maakte mijn vader zich niet ongerust. Ik bracht drie dagen in het ziekenhuis door.

Een week later spraken wij met de detectives, en zij vertelden ons over die nacht. Zij zeiden dat ook het andere meisje waar ik mee was, niet uit mocht gaan, en haar vader erg ongerust was geworden. Hij ging naar haar zoeken, rondrijden, maar hij kon haar niet vinden. Dus ging hij naar het politiebureau, en de politie verspreidde een bericht aan alle patrouilleauto’s in wat voor soort auto mijn vriend aan het rijden was. Een bepaalde ambtenaar buiten dienst was aan de overkant van de weg bij een autohandel. Hij zocht een tweedehands auto. Hij keek vluchtig om zich heen en zag de auto van mijn vriend, dus belde hij de politie. Toen de politie kwam om het te onderzoeken, was de auto van mijn vriend op een andere plek geparkeerd, zodat zij niet wisten waar zij was. Wij waren op de tweede verdieping in een kamer op de hoek. De politie wilde beginnen bij die kamer en naar beneden lopen om in elke kamer te vragen naar de eigenaar van de auto die buiten stond. Zij zochten niet naar het meisje, zij zochten enkel naar de eigenaar.

Toen zij op onze deur klopten, openden zij de deur en zagen mij op de vloer. Maar daarna gingen zij weer weg. Mijn zogenaamde vrienden dachten dat de politie voor goed wegging, maar in feite gingen zij weg om een ambulance te halen. Al snel kwamen er andere politieagenten om te zien wat er gebeurde. Op het moment dat zij de deur openden, stond mijn vriend, waar ik mee gesproken had, degene die ik vertrouwde, op het punt om mij te verkrachten. Maar de Heer gebruikte de politie om dit allemaal te stoppen en zij hadden mij niets aangedaan. Dat is waarom ik de Heer dank.

En ook de gebeden van mijn ouders. Ik spreek nu tot u ouders. Houd niet op met het bidden voor uw kind. Als zij niet met de Heer wandelen, blijf voor ze bidden, geef nooit op. Mijn ouders gaven nooit op, en kijk waar ik nu ben, het Woord van God predikend, jonge mensen vertellend om God te gaan dienen, omdat zij Hem nodig hebben.

En ik wil een boodschap geven aan alle jonge mensen, ik wil dat je over jezelf nadenkt en jezelf onderzoekt. Denk, wat kan het mij schelen dat iemand anders over me zegt.

Ik was gewend om te denken over wat andere mensen misschien over me zouden zeggen, maar nu begrijp ik dat zij zelfs niet om mij geven. Zij zullen daar niet bij zijn, wanneer de Heer direct voor me staat. Ik herinner me toen ik voor de Heer stond. Mijn vrienden waren daar niet om mij te helpen. Mijn familie was daar niet om mij te helpen, mijn voorganger was daar niet om mij te helpen. Ik was daar helemaal alleen en ik moest mijzelf verdedigen. Als u voor Hem staat kunt u niet liegen, omdat Hij zo heilig is. En toen ik daar was, voelde het alsof ik daar niet behoorde, omdat ik in zonde was en in de Hemel is het heilig.

Ik vertelde u vandaag, dat als u de Heer Jezus niet hebt aangenomen, neem Hem vandaag aan. Dit is het belangrijkste besluit in uw gehele leven! Ik vertel u dit alles niet om u met angst in de Hemel te krijgen, maar zodat u de genade kan zien, de liefde die Hij voor ons heeft. Hij, de Vader, stuurde Zijn Zoon om voor ons te sterven. Zodat elke kleine bloeddruppel die vergoten is, al onze zonden zou vergeven. Als u de Heer wilt aannemen, is dat het belangrijkste besluit in uw leven. Kom tot de Heer, maak je geen zorgen over wat iemand anders over u denkt of zegt.

Als u de Heer wilt dienen, doe het dan met geheel uw hart, zeg het niet alleen met uw mond, zeg het met uw hart en verstand. Maakt u niet ongerust over de toekomst, maakt u ongerust over vandaag, u weet nooit wanneer u gaat sterven. Ik ben slechts 15 jaar oud en in mijn gedachten dacht ik nooit dat ik zou sterven op mijn vijftiende, nooit.

Maar u moet daar over nadenken. Mijn leven is niet van mij, uw leven is niet van u, wij lenen ons leven, ons leven behoort aan God toe. Wij maken daar misbruik van omdat het ons niet kan schelen, door werelds te worden, en de dingen van de wereld te doen. De wereld heeft vele dingen aan te bieden, maar onthoudt: God heeft zelfs nog meer dingen aan te bieden. De wereld heeft hel en dood, maar God heeft het eeuwige leven. Het eeuwige leven is voor altijd.

Als u op dit moment de Heer wilt aanvaarden, bidt dan oprecht dit gebed:

"Here God, in de naam van Jezus Christus kom ik tot U, op dit moment wil ik U als mijn Redder aanvaarden, Wilt U in mijn leven komen. Zoals de zuster zei over haar getuigenis dat de Hel echt is, zij was daar. Here God, ik wil daar niet heen gaan, ik wil er zelfs niet aan denken om daar heen te gaan. Here God Ik vraag U om al mijn zonden te vergeven die ik heb begaan. Vergeef me voor alles wat ik heb gedaan. Elke kleine geheime zonde, mijn Here God, ik maak ze aan U bekend,(ik benoem ze) vergeef mij dit alles, alstublieft. Here God ik geloof dat U aan het kruis stierf en dat U bent opgestaan uit de dood. Ik geloof dat U in mijn hart komt en dat U zult regeren in mijn hart, en in mijn hart zult zijn. Ik zal Uw Woord lezen, en Ik zal meer in Uw Woord zijn. Ik zal contact zoeken en willen met oprechte christenen, kinderen van U, mijn Here God omdat ik weet dat U daar bent. U zei dat waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn Naam, dat U daar bent. Mijn Here God Ik wil zijn waar U bent. Ik bid dit alles in de naam van Jezus Christus, Uw Zoon, Amen.”

Als u dit gebed heeft gebeden, wil ik u verwelkomen in het Koninkrijk van de Hemel. Nu hebt u broeders en zusters over de gehele wereld. Dit is de belangrijkste beslissing die u ooit zult maken, dus maak er geen misbruik van. Ga niet in de wereld terug. De wereld leidt tot de dood, maar God leidt tot het eeuwige leven. Als dit getuigenis uw hart heeft geraakt, geef het aan een vriend, zodat zij God ook in hun hart kunnen aanvaarden. Laat deze tijd niet zomaar voorbijgaan, omdat dit misschien uw laatste momenten kunnen zijn.

Bron: http://spiritlessons.com/documents/Jennifer_Perez/Dutch_Jennifer_Perez_De_hel_is_echt_geheel_klaar.htm